De Forward Operating Locations en de War on Drugs

Bijlage 1
01 October 1999
Article

Op 13 april 1999 sloot Nederland een verdrag met de Verenigde Staten over de vestiging van Amerikaanse militaire steunpunten voor drugsbestrijding op Aruba en Curaçao, de zogenaamde "Forward Operating Locations" (FOLs).

Back to contents

Op 13 april 1999 sloot Nederland een verdrag met de Verenigde Staten over de vestiging van Amerikaanse militaire steunpunten voor drugsbestrijding op Aruba en Curaçao, de zogenaamde "Forward Operating Locations" (FOLs). "De voorgestelde drugsbestrijdingsactiviteiten sluiten [...] nauw aan bij de inspanningen die het Koninkrijk zich op dit gebied in de Caraibische regio getroost en in welk kader reeds zeer intensief met de VS wordt samengewerkt," zo schrijft minister Van Aartsen aan de Kamer. De vestiging van de FOLs betekenen echter een forse uitbreiding van de Nederlandse betrokkenheid bij drugsbestrijding in Latijns Amerika. Was Nederland tot nu toe betrokken bij het onderscheppen van drugstransporten in het Caraibisch gebied, met het toelaten van de FOLs raakt zij nu ook betrokken bij drugsbestrijding in de bronlanden, met name Colombia.

De "Forward Operating Locations" zijn noodzakelijk nu de VS dit jaar gedwongen zijn hun militaire aanwezigheid in Panama te beëindigen, als gevolg van het akkoord tussen de presidenten Torrijos en Carter uit 1977, om de kanaalzone terug te geven aan Panama. Bases en commando-centra worden verplaatst naar Florida en Puerto Rico. Pogingen om de Amerikaanse aanwezigheid in Panama voort te zetten in de vorm een "Multilateral Counterdrugs Center" (MCC) waren in september 1998 definitief mislukt. Daarmee gingen de bases waarvan jaarlijks 2000 antidrugs-missies werden uitgevoerd verloren.

Een van de redenen van Panama om de onderhandelingen te beëindigen was de wens van het Pentagon om niet te worden beperkt tot alleen drugsbestrijding. (1) De nieuwe president van Panama, Mireya Moscoso, omschreef de onderhandelingen aldus: "Toen er werd gepraat over het opzetten van antidrugs-centrum, werd ons niet verteld wat Washington werkelijk van plan was. Het zou een vermomde militaire basis kunnen zijn geweest, wat we niet willen". (2)

Vanaf dat moment ging het US Southern Command (SouthCom) -verantwoordelijk voor de Amerikaanse militaire operaties in Latijns Amerika- in grote haast op zoek naar alternatieve opties voor het vestigen van militaire steunpunten. De Amerikanen polsden minister Van Aartsen in november 1998 tijdens diens bezoek aan de VS over de mogelijkheid de bases te vestigen. Nog voordat VS-troepen op 1 mei 1999 "Howard Air Force Base" in Panama verlieten werden verdragen getekend met Ecuador (voor de vestiging van een basis in Manta) en met Nederland voor de vestiging van FOLs op Aruba en Curaçao. Onderhandelingen over verlenging van de verdragen met 10 jaar en over een regeling met Costa Rica voor de vestiging van een FOL zijn aan de gang.

Amerikaanse drugsbestrijding in de Andes

In de VS is drugsbestrijding een militaire taak sinds de drugshandel in 1989 door president Bush tot een zaak van nationale veiligheid is verklaard. Het Department of Defense is tot 'single lead agency' gepromoveerd voor de opsporing en controle van drugstransporten naar de VS. (3). Sindsdien is de drugsbestrijding vergaand gemilitariseerd.

SouthCom is in de regio betrokken bij uit twee soorten operaties:

  1. "transit zone" operaties, d.w.z. het onderscheppen van drugstransporten, voornamelijk in het Caraïbisch gebied;
  2. "source country" operaties, d.w.z. acties om de productie en transport van drugs tegen te gaan, o.a. door het identificeren van cocavelden, laboratoria en clandestiene vliegveldjes.

De Nederlandse Marine en de Kustwacht van de Nederlandse Antillen en Aruba werken al jarenlang samen in 'transit zone' operaties met de "Joint Interagency Task Force" (JIATF) East in Key West (Florida). Nederlandse schepen en verkenningsvliegtuigen (P-3 Orion's) zijn volledig geïntegreerd in interdictie operaties. Amerikaanse "Coast Guard Law Enforcement Detachments" (LEDETs) enteren verdachte boten vanaf Nederlandse marineschepen. De Commandant Zeemacht in het Caraïbisch Gebied, brigade-generaal Willem Prins, is een van de twee tactische commandanten van JIATF East. (4)

Met de herstructuring van de taken na het verlaten van de installaties in Panama vallen beide soorten operaties onder een geïntegreerd commando. De "Joint Interagency Task Force South" (JIATF South) - verantwoordelijk voor "source country" operaties - wordt samengevoegd met JIATF East waaronder de huidige samenwerking tussen Nederland en de VS in de Caraïben valt. (5) Zodoende worden de FOLs uitvalsbasis voor 'source zone' operaties in Colombia. Belangrijke taak van de Amerikaanse vliegtuigen die vanaf de FOLs opstijgen is het vergaren van inlichtingen. De FOLs maken deel uit van een militaire infrastructuur in en rond Colombia.

De Nederlandse samenwerking met de VS verandert van karakter. Het onderscheppen van drugstransporten in het Caraïbisch gebied valt onder het bestrijden van internationaal opererende criminele drugshandel-organisaties. Operaties in Colombia betekenen het besproeien met landbouwgiffen van coca-velden, waartussen de boeren - die vaak voor hun overleving afhankelijk zijn van drugsteelt - ook nog hun voedsel verbouwen, hun vee laten grazen en hun huizen hebben staan.

De door de VS gevoerde 'war on drugs' in de bronlanden is in feite een kostbare mislukking. De beschikbare hoeveelheid cocaïne is de afgelopen jaren stabiel gebleven, ondanks de honderden miljoenen dollars die aan drugsbestrijding zijn uitgegeven. (Zie Tabel 1).

Tabel 1: Hectares coca in de Andes

 

"Bolivia"

Peru

Colombia

Totaal

1994

48.100

108.600

46.400

203.100

1995

48.600

115.300

53.200

217.100

1996

47.000

95.000

69.200

211.200

1997

46.000

68.800

79.100

193.900

1998

38.000

51.000

101.800

190.800

Bron: US Department of State en Policía Antinarcóticos de Colombia

Wat betreft 1999 verwacht drugstsaar McCaffrey dat de cocaïne-produktie dramatisch zal toenemen, met name vanwege het gebruik in Colombia van een coca-variant uit Peru die meer bladeren per hectare per oogst oplevert. (6) Overigens zijn volgens experts de officiële cijfers aan de lage kant. Zo zou het het totale cijfer voor Colombia in 1996 wel eens 165.000 hectare kunnen zijn geweest, bijna twee-en-half keer zoveel als de officiële cijfers. (7)

De nadruk van de Amerikaanse drugsbestrijding ligt op de 'source-zone strategy', dwz het aanpakken van de drugs-industrie in de bronlanden. Diverse studies, ondermeer van het "Transnational Institute"en haar Latijnsamerikaanse partner "Acción Andina", tonen aan dat de gemilitariseerde drugsbestrijding die onder leiding van de VS in Latijns Amerika wordt gevoerd averechts werkt. Zoals gezegd neemt de beschikbare hoeveelheid cocaïne niet af, maar de 'collateral damage' wel toe:

  • militarisering van de drugsbestrijding;
  • verhoogde kans op sociale conflicten;
  • toename van mensenrechtenschendingen;
  • nieuwe gebieden en bevolkingsgroepen raken betrokken bij de drugsindustrie;
  • criminalisering van boeren die afhankelijk zijn van de drugsteelt;
  • hogere drugsconsumptie in Latijns Amerika langs de nieuwe smokkelroutes.

Nederland lijkt opeens zijn ogen te sluiten voor deze negatieve gevolgen, terwijl in eerdere beleidsdocumenten daar wel degelijk aandacht voor was. In de Nota Drugs in Ontwikkelingslanden wordt bijvoorbeeld kritiek geleverd op de agressieve Amerikaanse methodes:

"In diverse landen in de regio is, vaak onder Amerikaanse druk, een 'war on drugs' gevoerd, waarbij niet zelden dwang werd gebruikt bij het uit de productie halen van coca-areaal. Dit heeft tot schendingen van de mensenrechten geleid waarbij mensen zonder vorm van proces werden opgepakt en vastgehouden. Daarbij was soms sprake van folteringen". (8)

Nederland ziet meer in een benadering van de drugsproblematiek die gericht is op de aanpak van de vraagzijde, in de veronderstelling dat het vooral de vraag is die de markt, en dus het aanbod bepaald. In tegenstelling tot de Amerikaanse aanpak die is gericht op de aanbodzijde. In de internationale samenwerking van de drugsbestrijding wil Nederland "er daarom ook voor pleiten meer dan tot op heden de problematiek te bezien vanuit de vraagzijde". Dat principe gaat in ieder geval niet op bij het toelaten van de FOLs.

Twee soorten operaties bepalen de Amerikaanse strategie, en de FOLs op Aruba en Curaçao zullen daarvoor worden gebruikt:

  1. "Air Bridge Interdiction", het onderbreken van de luchtbrug van smokkelvliegtuigen met coca-pasta in Peru en Colombia;
  2. Het besproeien van coca en opiumvelden met landbouwgiffen in Colombia.

"Air Bridge Interdiction"

Een van de taken van SouthCom is de zogenaamde "Air Bridge Interdiction", het onderbreken van de luchtbrug van smokkelvliegtuigen met coca-pasta uit Peru en Bolivia naar Colombia. SouthCom voorziet Peru en Colombia van de inlichtingen, radar-gegevens e.d. waarna de luchtmachten van betrokken landen de jacht inzetten op drugsvliegtuigen, en ze desnoods neerhalen. De "Air Bridge Interdiction" wordt door Amerikaanse autoriteiten als een groot succes aangeprezen. Een onderzoek van TNI en "Acción Andina" concludeert dat de operatie weinig tot niets heeft bijgedagen aan de totale beschikbaarheid van coca in de bronlanden en cocaïne in de consumptielanden.

De doelstelling, door het tegengaan van de handel de prijs van cocaïne in de VS zodanig op te drijven zodat de consumptie zou verminderen is niet gehaald. De beschikbaarheid en de prijs van cocaïne in de VS zijn niet aangetast. In Latijns Amerika is het enige effect geweest dat de cocateelt zich heeft verplaatst van Peru naar Colombia (een ontwikkeling die overigens al voor de operatie tegen de luchtbrug op gang was gekomen, vanwege interne veranderingen op de coca-markt), de smokkel zich gediversifieerd heeft (via land, rivier- en zeeroutes) en het aantal landen waar sprake is van doorvoer is uitgebreid - met name naar Brazilië. Daarnaast bestaat er het risico dat per vergissing burgervliegtuigen uit de lucht worden geschoten. (9)

Onlangs bevestigde drugstsaar McCaffrey belangrijke conclusies uit de studie: in Peru neemt de coca-produktie weer toe dankzij stijgende prijzen en aangepaste smokkelroutes (ondanks voortgaande operaties in het kader van de "Air Bridge Denial"). Boeren keren weer terug naar de cocavelden die zij hadden verlaten. (10)

"Besproeiingen van drugsteelt"

Het zwaartepunt van de drugsbestrijding in Colombia bestaat uit het vanuit de lucht besproeien van de drugsgewassen met landbouwgiffen. Het door de VS politiek en financieel gesponsorde beleid wordt in Colombia in toenemende mate als contraproduktief beschouwd, maar door de VS dwingend opgelegd onder dreiging van decertificatie en het stopzetten van elke steun aan het vredesproces. (11)

De besproeiingen zijn schadelijk voor zowel de kwetsbare ecologische structuur van het Amazone regenwoud waar de coca wordt verbouwd, als het hooglandbos in de Andes waar de opiumteelt plaatsvindt. Alsmede voor de gezondheid van de boeren, die voedsel tussen cocavelden verbouwen en wiens woningen vaak per ongeluk meebesproeid worden.

Bovendien zijn de besproeiingen contraproduktief. Volgens een studie van TNIAcción Andina is - sinds het besproeien van de coca in 1994 begon - het aantal hectares coca in Colombia met 222% toegenomen. (12) (Zie tabel 1.) In 1998 nam de cocateelt met 28% toe, ondanks een record aantal besproeide hectares. (13) Colombia is nu de grootste cocaproducent ter wereld. Een hoofdredactioneel commentaar van het invloedrijke dagblad "El Tiempo" noemde de besproeiingspolitiek - naar aanleiding van de TNIAcción Andina studie - een 'zelfvernietigende vicieuze cirkel'. (14)

Voor iedere verwoeste hectare coca wordt anderhalf à twee hectare regenwoud gekapt. In totaal zijn nu 150.000 à 200.000 hectare bos vernietigd. (15) De cocaboeren verplaatsen simpelweg hun aanplant en kappen daartoe nieuwe stukken bos. Zo verspreiden steeds meer chemicaliën zich door het kwetsbare regenwoud. Niet alleen de giffen die door de drugsbestrijders worden verpreid, maar ook de schadelijke stoffen voor het produceren van de coca-basispasta in de primitieve laboratoria van de cocaboeren. Door de agressieve besproeiingen verplaatst de cocateelt zich in snel tempo en treft nu ook de gebieden van de inheemse bevolking.

Bovendien constateerde de studie dat de doses glifosaat die worden toegepast het dubbele zijn van de toegestane waarde van de fabrikant voor het veilig toepassen van het gif. Daarnaast zijn er berichten over illegale experimenten met bepaalde herbicides, die door de VS worden aanbevolen om het als te weinig effectief beschouwde glifosaat te vervangen. (16) De besproeiingen zijn ook contraproduktief in de zin dat het de sympathie van de getroffen bevolking voor de guerilla versterkt. (17)

Alternatieve ontwikkeling

De besproeiingen raken ook de met veel moeite en doorzettingsvermogen opgezette alternatieve ontwikkelingsprojecten in Colombia. Tijdens een trip in het coca-gebied van de Caguán constateerde TNI hoe een project waarbij coca geleidelijk werd vervangen door rubber en cacao, door besproeiingen totaal is vernietigd. Het project - opgezet met hulp van de lokale priester en Europese fondsen - zou model kunnen staan voor de aanpak die onlangs bij de Speciale Algemene Vergadering van de Verenigde Naties over het Wereld Drugs Probleem in juni 1998 in New York werd vastgesteld -en waar Nederland zich aan heeft verbonden- als de manier om alternatieve ontwikkeling vorm te geven: gewasvervanging met volledige participatie van de betrokken boeren. (18)

De vertegenwoordiger van het "United Nations International Drug Control Programme" (UNDCP) in Colombia, Klaus Nyholm, heeft zich herhaaldelijk uitgesproken tegen chemische besproeïngen (19) De ontwikkelingsorganisatie van de Duitse regering, "Gesellschaft für Technische Zusammenarbeit" (GTZ), weigert al geruime tijd alternatieve ontwikkelingsprojecten financieel te steunen als dat samengaat met het besproeiien van de drugsteelt.

De FARC heeft het stoppen van coca-teelt tot onderdeel van de vredesonderhandelingen gemaakt, mits er een programma is met voldoende financiële steun aan de coca-boeren voor het vervangen van de coca via alternatieve ontwikkeling. (20) Inmiddels probeert de UNDCP in samenwerking met de FARC een alternatief ontwikkelingsprojekt te starten in de Caguan -een zone die onder controle staat van de guerrilla- om zo'n 7.500 hectare coca te vervangen door legale gewassen. Het project zou 5,3 miljoen dollar gaan kosten. Zo'n 820 families zullen er direct van profiteren, en 27.000 indirect. (21)

Dat doet de vraag opkomen waarom niet meer geld beschikbaar wordt gemaakt voor dit soort projekten, in plaats van 122,5 miljoen dollar te besteden aan het upgraden van de vliegvelden voor de FOLs. Met dat geld kunnen 23 soortgelijke alternatieve ontwikkelingsprojekten worden gefinancierd waarmee 625.000 families direct of indirect op een positieve en vreedzame manier mee worden geholpen uit vaak armoedige situaties.

De laatste jaren is ook in de VS de discussie over steun aan alternatieve ontwikkeling op gang gekomen. Voor de komende drie jaar is in het pakket van US$ 1,6 miljard dat nu in het Amerikaanse Congress wordt behandeld, 120 miljoen voor alternatieve ontwikkeling gereserveerd (voor Colombia en Bolivia 50 miljoen en voor Peru 20 miljoen). (22) In de praktijk blijft het thema echter een ondergeschoven kindje. Hoewel in 1998 ruim 180 miljoen dollar was bestemd voor alternatieve ontwikkeling, werd er slechts 10 miljoen werkelijk besteed: voor Peru en Bolivia ieder 5 miljoen en voor Colombia nul.

Conclusie

Nederland is al decennia lang bezig een met solide argumenten onderbouwd eigen drugsbeleid vorm te geven, en het past simpelweg niet om voor het buitenlands drugsbeleid die principes overboord te zetten en om opportunistische redenen actief medewerking te verlenen aan de meest rigide en omstreden vorm van gemilitariseerde drugsbestrijding. Een beleid van "harm reduction" analoog aan het binnenlandse drugsbeleid zou het uitgangspunt moeten zijn. Nederland zou zich sterk moeten blijven maken voor een politiek van conflictpreventie en conflictresolutie, bescherming van mensenrechten en milieu, en het bieden van een alternatief voor boeren die vaak voor hun overleving afhankelijk zijn van drugsteelt.

Voetnoten

1. Aldus Assistant Secretary for Western Hemisphere Affairs, Peter Romero. Zie: Statement before the Subcommittee on Criminal Justice, Drug Policy and Human Resources Committee on Government Reform and Oversight, Washington DC, May 4, 1999. Zie ook: "Counter-Drug Center Negotiations Collapse", Panamá Update 24, september/oktober 1998; en: "US Seeks New Outposts for Anti-drug Battle", The Miami Herald, 21 februari 1999.
2. "Moscoso no quiere mas bases ni la presencia militar de EU", El Nuevo Herald, 5 mei 1999.
3. Zie voor een goed overzicht van de rol van het Pentagon in de drugsoorlog: Peter Zirnite, "Reluctant Recruits: The US Military and the War on Drugs", Washington Office on Latin America, Washington, D.C., augustus 1997.
4. "Soft killers in de Cariben", Vrij Nederland, 9 December 1995; Regiobeleidsdocument Caraïbisch Gebied, Kamerstuk 25 535, juni 1998, p. 21.
5. "Green Light for USA To Operate From Curaçao and Aruba", Jane's Defence Weekly, 14 April 1999. Voor een goed overzicht van de militaire aanwezigheid van de VS in Latijns Amerika, zie: "Just the Facts: A civilian's guide to US defense and security assistance to Latin America and the Caribbean", Latin American Working Group.
6. "The Evolving Drug Threat in Colombia and Other South American Source Zone Nations", Statement by General Barry R. McCaffrey, Director Office of National Drug Control Policy before the Senate Committee on Foreign Relations, 6 oktober 1999.
7. Ricardo Vargas Meza, "Drogas, mascaras y juegos: Narcotráfico y conflicto armado en Colombia", Tercer Mundo Editores: Bogotá, mei 1999, p. 66.
8. Nota Drugs in Ontwikkelingslanden 1997-1998, Kamerstuk 25 658 nr. 2, p 28.
9. Zie: "The Drug War in the Skies. The US 'Air Bridge Denial' Strategy: The Success of a Failure", Acción Andina - Transnational Institute, Cochabamba (Bolivia), mei 1999.
10. "The Evolving Drug Threat in Colombia and Other South American Source Zone Nations", ibid.
11. "Condiciones de E.U. para certificación", El Espectador, 10 augustus 1998.
12. Ricardo Vargas Meza, "Estrategia antidrogas, fumigaciones aéreas de cultivos ilícitos y sus impactos socioambientales y políticos en Colombia". Nog ongeplubiceerde studie van TNIAcción Andina naar de besproeiingen van illegale gewassen.
13. "White House Drug Czar Releases 1998 Colombia Illicit Crop Data", Press Release, 10 februari 1999.
14. "Fumigación sin resultados", Editorial in El Tiempo, 8 oktober 1999. Zie ook: ""Los cultivos ilícitos han aumentado 222%"," El Espectador, 6 oktober 1999.
15. Een eerdere studie door de "Defensoría del Pueblo" - een soort ombudsman van de Colombiaanse regering - schatte dat door de besproeiingen 150.000 hectare zijn verwoest. Als er met deze intensiteit wordt doorgesproeid zal in 2015, 70% van het regenwoud zijn veranderd in prairie. Zie: Comunicado de la Defensoría del Pueblo, al Doctor Eduardo Verano de la Rosa, Ministro del Medio Ambiente, 27 juli 1997. Zie ook: "Olor a desierto en la Amazonia y Orinoquia", El Espectador, 16 september 1998.
16. Zoals de herbicide Imazapir. Zie: "Utilización de Imazapyr en las fumigación de Cultivos Ilícitos en el Departamento del Putumayo", rapport van de Defensoría del Pueblo, 30 oktober 1998; "Así son las temibles "fumigas" en Caquetá", El Espectador, 2 mei 1998.
17. Ricardo Vargas Meza, "The Revolutionary Armed Forces of Colombia (FARC) and the Illicit Drug Trade", Acción Andina Transnational Institute (TNI) Washington Office on Latin America (WOLA), juni 1999. Zie ook": Teoría de la narcoguerrila favorece a las Farc", El Tiempo, 13 juli 1999.
18. "Action Plan on International Cooperation on the Eradication of Illicit Drug Crops and on Alternative Development", United Nations General Assembly Special Session on the World Drug Problem, New York, 8-10 juni 1998.
19. Zie o.a.: ""Las Farc quieren romper con narcos"," El Espectador, 26 juli 1998; "Colombian Farmers Cultivating More Coca Crops Than Ever", The Houston Chronicle, 23 augustus 1998; en "Colombia Fights its Dependence on Coca Economy", The Miami Herald, 31 augustus 1998.
20. "Otro camino para los cultivos ilícitos", El Espectador, 10 september 1998. Bij de hervatting van de vredesonderhandelingen op 24 oktober herhaald de FARC het belang van een vreedzame oplossing van het drugsprobleem en stelde voor een alternatief ontwikkelingsprogramma te starten in de door de guerrilla gecontroleerde gedemilitariseerde zone. Zie: "Gobierno-Farc definen metodología", El Tiempo, 26 oktober 1999.
21. "United Nations - Leftist Rebels Cooperating to Reduce Drug Crops", Associated Press, 6 augustus 1999; "E.U., evalúa programa de sustitución de cultivos ilícitos", Presidencia, boletín de prensa, 10 mei 1999.
22. Summary of Coverdell/De Wine Proposal. The Anti-Drug Alliance with Colombia and The Andean Region (Alianza) Act of 1999, US Information Service, 6 oktober 1999.