Gratis Water

De slag om het blauwe goud
08 August 2012
In the media

Hoewel kraanwater steeds populairder lijkt in Nederland, zeker ook met de (her)introductie van watertappunten, is de wereldwijde consumptie van flessenwater nog immer stijgend. 

 

Dit betreft een artikel verschenen in de editie 32 van de Groene Amsterdammer in 2012. Enkel het stuk dat het interview met Satoko Kishimoto betreft is hieronder weergegeven. Het volledige artikel kunt u hier downloaden. 

 

---

Heeft de commercie daarmee de slag om het blauwe goud verloren? ‘Dit is absoluut een heel belangrijke ontwikkeling’, zegt Satoko Kishimoto, gezeten in een met ordners, brochures en andere papieren volgestouwd kantoor. De uit Japan afkomstige Kishimoto is sinds jaar en dag wateractiviste en bij het Transnational Institute in Amsterdam verantwoordelijk voor het project Water Justice. ‘Water als publiek goed staat weer op de kaart’, constateert ze tevreden. ‘En dat terwijl we tot voor kort een volledig tegenoverstelde ontwikkeling zagen.’

 

Maar bij al dat enthousiasme passen wel enige kanttekeningen, voegen mensen zoals zij er direct aan toe. Kraanwater wordt steeds populairder, jawel. Maar dat betekent niet dat het fleswater wereldwijd op zijn retour is. Neem de Verenigde Staten. In 2008 en 2009 viel de verkoop van fleswater daar terug – voor het eerst in 31 jaar. Maar inmiddels wordt er meer dan ooit verkocht: 222 flessen per Amerikaan. In totaal werd er vorig jaar bijna 22 miljard dollar aan uitgegeven. Ook in Nederland lijkt de bron- en mineraalwaterconsumptie weer enigszins aan te trekken, na enkele jaren van lichte daling. Maar de echte groei behalen de water- bedrijven elders. Vooral in de opkomende Aziatische economieën stijgt de verkoop snel.

 

De werkelijke trendbreuk is dan ook niet in cijfers te vatten. Die zit ’m in een andere houding, een nieuwe mentaliteit. Het is de manier waarop burgers niet alleen naar water kijken, maar ook naar al die andere gemeenschappelijke goederen, naar de commons. Een cruciale gebeurtenis in dit opzicht waren de zogenoemde water wars in Cochabamba. In 1999 werd, mede op aandringen van de Wereldbank, de gemeentelijke watervoorziening in deze derde stad van Bolivia geprivatiseerd. Dat leidde tot mooie winsten voor de betrokken internationale bedrijven, maar niet minder forse prijsverhogingen voor de inwoners. Het daaropvolgende volksprotest – inclusief referendum, algemene staking, doden en gewonden – bleek uiteindelijk succesvol. In 2000 werd de ongelukkige privatisering teruggedraaid. Sindsdien zit de vrije markt in de hoek waar de klappen vallen. Overal, van Europa en de Verenigde Staten tot Latijns-Amerika, proberen steden en dorpen hun watervoorziening weer in eigen hand te nemen.

 

‘We zien het tij keren’, bevestigt Kishimoto. Volgens haar staan er in het politieke debat over water twee visies lijnrecht tegenover elkaar. ‘De grote bedrijven en hun lobbygroepen zien het als een economisch goed. Wie voor water kan betalen, kan het krijgen. Maar overal in de wereld waar private bedrijven de watervoorziening hebben overgenomen, zijn de prijzen omhoog geschoten en de investeringen teruggebracht. Wij beschouwen water in plaats daarvan als een mensenrecht, als een publiek goed.’ Nederland loopt daarbij opvallend genoeg voorop. In 2011 bepaalde de nieuwe Waterleidingwet nog eens, geheel tegen de heersende trend om alles aan de markt over te laten in, dat de drinkwatervoorziening ‘een dwingende reden van groot openbaar belang’ is en daarom publiek eigendom behoort te zijn. Diezelfde strijd om het water, tussen privaat en publiek, is nu ook op de terrassen van cafés, in de schappen van de supermarkt en de straten van de steden aan de gang. Ieder publiek tappunt erbij is zo bezien een kleine overwinning op de commercie.

 

Of niet? Als het aan Geraldo Vallen van Join the Pipe ligt, hoeven ondernemers niet armer te worden van kraanwater: ‘Ik ben pertinent tegen het gratis serveren van kraanwater. Als je in een restaurant zit, betaal je drie euro voor een fles bronwater. Maar een karaf kraanwater is gratis. Dat vind ik niet eerlijk. Die karaf moet immers ook gevuld en geserveerd worden.’ Misschien biedt de hernieuwde populariteit van water uit de kraan dus ook wel weer verse kansen om geld als water te verdienen. De Amsterdamse Waterwinkel is in elk geval voorbereid. De verkoopster wijst op een reeks hervulbare flesjes met kleurige doppen naast de kassa: voor kraanwater. Mét extra filter. Je weet tenslotte maar nooit.

 
Download: