Wereldwijde aanbod heroïne en cocaïne stijgt

30 June 2008
In the media
Published at
Gazet van Antwerpen
De recordoogst van de Afghaanse papaverboeren en de stijging van de Colombiaanse cocaproductie dreigen het drugsprobleem in de wereld nog te doen toenemen. Ongeveer 208 miljoen mensen hebben de voorbije twaalf maanden illegale verdovende middelen gebruikt, schat het VN-Bureau voor Drugs en Misdaad (UNODC) in zijn Werelddrugsrapport 2008. Zowat 26 miljoen mensen zijn verslaafd. Volgens het UNODC produceerde Afghanistan in 2007 zoveel opium dat het wereldaanbod vorig jaar verdubbelde in vergelijking met 2005. Afghanistan is ook een belangrijke leverancier geworden van hasj; het heeft intussen Marokko al voorbijgestoken, zegt Antonio Mario Costa, de directeur van het UNODC. De VN-instantie zegt dat de internationale gemeenschap er wel degelijk in slaagt het drugsprobleem in te dammen. Vergeleken met honderd jaar geleden wordt er wereldwijd bijvoorbeeld zowat 70 procent minder opium geproduceerd. De voorbije tien jaar is de drugsproductie in de wereld gestabiliseerd, zegt Costa. Vervalste geschiedenis Volgens Ethan Nadelmann van de Drug Policy Alliance, de belangrijkste Amerikaanse organisatie die alternatieven voor de oorlog tegen drugs naar voren schuift, probeert het UNODC “de geschiedenis te herschrijven”. Nadelman betreurt vooral dat het UNODC geen verband legt tussen de huidige aanpak van het drugsprobleem en de corruptie en het extreme geweld die ermee samenhangen. Ook de “stabilisering” waar de VN-instelling het over heeft, wordt in vraag gesteld. Het Transnational Institute (TNI), een niet-gouvernementele organisatie in Nederland die onderzoek verricht over het drugsbeleid, stelt dat de productie van opium en cocaïne de voorbije 10 jaar significant toegenomen is. [LINK01]